Historie St. Urbanuskerk

Hoewel de geschiedenis van de Urbanus parochie teruggaat tot vermoedelijk vóór 1200 en in Ouderkerk de oudste kerk van Amstelland moet hebben gestaan, is het huidige kerkgebouw een schepping uit de tweede helft van de negentiende eeuw. Na de herinvoering van de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland in 1853 gaven de katholieken blijk van een nieuw elan. Dit kwam onder meer tot uiting in de vele nieuwe kerken die toentertijd werden gebouwd. In Ouderkerk bleek de Waterstaatskerk van de jaren twintig veel te klein en deze werd in de jaren zestig vervangen door een neogotische kerk naar ontwerp van Petrus (Pierre) J.H. Cuypers. Deze van oorsprong Limburgse architect heeft bekendheid verworven vanwege de bouw van tientallen nieuwe monumentale kerken en daarnaast de restauratie van eveneens tientallen kerken met een rijke historie. Zijn werkgebied bestond voornamelijk uit de bisdommen Roermond, 's-Hertogenbosch en Haarlem en hij was tevens een aantal jaren werkzaam in Belgi? en Duitsland. Bovendien zijn door Cuypers vele pastorie?n, stadhuizen, huizen en vervolgens ook in wat renaissancistisch aangepaste stijl het Rijksmuseum en het Centraal Station te Amsterdam ontworpen.

 
Cuypers voerde in Nederland een nieuwe stijl van bouwen in. In zijn jonge jaren was hij nogal onder de indruk geraakt van de hoog- en laatmiddeleeuwse Franse en Rijnlandse gotiek. Hij was hierin ook onderwezen tijdens zijn opleiding aan de Academie voor Schone Kunsten te Antwerpen. Voorts kwam Cuypers te Parijs in contact met de Franse bouwheer Viollet-le-Duc en raakte hij n en constructies, ontwikkelde Cuypers een 'eigen' stijl van neogotisch bouwen.
 
De Sint Urbanus van Ouderkerk is in de jaren 1865-1867 gebouwd. Het gebouw is een driebeukige bakstenen kruiskerk met traditiegetrouw het priesterkoor op het oosten gericht. De kerk meet in de lengte 39 meter en in de breedte van de kruisbeuk 25 meter. Aan weerszijden van het middenschip dragen acht zandstenen kolommen vier travee?n. Het plafond van middenschip en transept bestaat uit een houten tongewelf, dat maximaal 16 meter boven het vloeroppervlak uitkomt. Aan de noordoostelijke kant van de kerk bevindt zich het vroegere Armenkantoor, dat thans, na een volledige renovatie, als dagkapel dienst doet. Aan de zuidoostelijke kant is de sacristie aangebouwd die via een doorgang verbonden is met de pastorie (eveneens door Cuypers ontworpen). Het achterportaal op het westen wordt door een houten wand gescheiden van de rest van de kerk. Daarboven bevindt zich de koorzolder met het vermaarde Vollebregt-orgel, dat in 2006 allesomvattend werd gerestaureerd. Het koor is bereikbaar via een wenteltrap in de toren.
 
Geheel in gotische stijl prijkt voorts hoog boven de hoofdingang van de kerk een rozetvenster. In de kerk wordt men in dit venster Sint Caecilia, patrones van de musici, gewaar. Zij is gezeten achter een middeleeuws pijporgel en ondersteunt met haar eigen lichte toetsen het koor en het Vollebregt-orgel.
 
Aan de andere zijde van de kerk speelt het licht van buiten eveneens een eigen neogotisch spel. Zeven gebrandschilderde ramen van glazenier Frans Nicolas (evenals Cuypers afkomstig uit Roermond), die enkele jaren na de inwijding van de kerk werden aangebracht, vormen de bekroning van het priesterkoor. De ramen geven op kleurrijke wijze de geheimen van de Rozenkrans weer en zij zijn onlangs compleet gerestaureerd.
 
Weinig opvallend, maar beslist van een verstillende schoonheid zijn de wat kleine gebrandschilderde ramen in de zijbeuken en in de voormalige doopkapel. In ieder raam is zowel een tafereel uit het Oude als uit het Nieuwe Testament afgebeeld en de taferelen spreken gelovig uit, dat het christendom niet zonder zijn joodse wortels kan worden begrepen.
 
Hoewel heel wat verfraaiingen aan de kerk nog onder de dynamische bouwpastoor Rijp (1858-1870) zijn aangebracht, zijn de overal aanwezige tegeltableaus aan de zijwanden ongetwijfeld van latere datum; vermoedelijk dateren zij uit het vroegste begin van de twintigste eeuw en zijn zij het ontwerp van Jos Cuypers, de zoon van Pierre. Naast de kruiswegstaties, die geflankeerd worden door heiligen en oudtestamentische profeten, zijn rond de beide biechtstoelen in de kerk vier kernmomenten uit het evangelie afgebeeld. De tableaus vertegenwoordigen een bijzondere keramische Nederlandse kunstuiting, waarvan tot op heden in kerken weinig bewaard is gebleven.
 
De Sint Urbanus kerk van Cuypers kent een geschiedenis van nu ruim 140 jaar en is niet weg te denken uit de dorpsgemeenschap van Ouderkerk. De toren aan de noordwestzijde van de kerk is met zijn 's nachts verlichte uurwerk en zijn sonoor klinkende klokken tot ver in de weidse omtrek een luisterrijk baken van het dorp Ouderkerk aan de Amstel.
Toch zijn kerk en toren dringend aan restauratie toe. Als Rijksmonument behoort zij tot het 'beschermd dorpsgezicht'. Om deze reden ook zijn door de provinciale overheid voor de restauratie van de kerk zeer forse bedragen toegekend. Tot 2009/2010 mag de parochie rekenen op een bedrag van meer dan ? 1.500.000. Deze som zal echter bij lange na niet voldoende zijn om kerk en toren voor de toekomst te behouden. Daarom zullen ook langs andere wegen financi?le middelen verkregen moeten worden. Om hierin te voorzien is op 20 januari 2004 de Stichting Urbanus Ouderkerk aan de Amstel opgericht.
Deze stichting bemoeit zich actief met fondsenwerving en verzoekt eenieder die de Sint Urbanus Kerk een warm hart toedraagt een bijdrage over te maken op haar bankrekening nr. NL86 RABO 0351 8218 72 bij de Rabobank Amstel en Vecht.
 
Dr. Th. L.M. Kint